Posts tagged MaaS

Smart Public Transport Lab onderzoek in OV Magazine

Workshop Future of Public Transport @Forum ISTS

Due to societal and technological trends, our mobility system and patterns might change. New modes are entering (and leaving) the market, while conventional modes are improved. In this workshop we looked to the future of public transport from the perspective of authorities and operators. The city of The Hague and the Dutch railways (NS) shared their visions on the public transport of the future.

Find the general workshop presentation HERE

Find the presentation of Emile Jutten (City of The Hague) on the national and regional vision on public transport HERE and an animation of the vision HERE

Find the presentation of Mark Oldenziel (NS) on the short term innovations and plans of the railways HERE and an animation of the vision HERE

Fietsparkeren bij stations en haltes: kansen (on)mogelijkheden (deel)fiets+ OV

De combinatie van fiets+OV is groeiende. Maar tegelijkertijd zien we ook de stallingsdruk en -problemen toenemen. Hoe kunnen we de groei blijven faciliteren en wat is de mogelijke rol van de deelfiets hierin? Tijdens het fietsparkeercongres in Utrecht deelden we onze inzichten vwb het gebruik(svoorkeuren) van de combinatie (Deel)fiets+OV.

Bekijk de presentatie HIER en de aftermovie HIER

Fietsen naar de tramhalte: simultane modellering van voortransport- en haltekeuze

Wereldwijd wordt er gestuurd op een toename van duurzame vervoerkeuzes voor een betere leefbaarheid en bereikbaarheid. Vooral in de steden waar de samenleving groeit en de dichtheden groter worden is een verandering in kijk op de mobiliteit noodzakelijk om de burgers tevreden te stellen. De integratie van fiets en openbaar vervoer (OV) kan hier aan bijdragen. Wanneer de fiets wordt gebruikt als voortransportmiddel wordt het invloedsgebied van het OV vergroot ten opzichte van lopen waarmee het een beter alternatief wordt voor niet-duurzame vervoermiddelen. Om de combinatie fiets en OV te vergroten zullen effectieve klantgerichte maatregelen genomen moeten worden. Hiervoor is meer inzicht nodig is de factoren die een rol spelen bij de keuzes voor voortransportmiddel en halte. Hier is tot op heden nog weinig over bekend op het stedelijk niveau. Door de keuzes in één onderzoek te combineren wordt de afweging duidelijk tussen het voortransportmiddel en de OV-reis, en kunnen de effecten op het invloedsgebied van het OV bepaald worden. Dit is gedaan op basis van data van HTM-tramreizigers in Den Haag middels een simultaan discreet keuzemodel van voortransportmiddel en halte keuze. Resultaten geven aan dat reizigers in het algemeen liever lopen dan fietsen naar de tramhalte. Daartegenover staat dat de afstand naar de tramhalte lopend 2,1 keer zwaarder weegt dan als men fietst. Dat betekent dat bij een langere afstand fietsen aantrekkelijker wordt dan wandelen. Frequente fietsers zijn meer geneigd om ook naar de tramhalte te fietsen, terwijl frequente tramreizigers juist minder vaak fietsen naar de tram. De aanwezigheid van fietsparkeervoorzieningen vergroot het invloedsgebied van een tramhalte, maar de grootste impact op het invloedsgebied van fietsers is de OV-reistijd. Verbeteringen aan het OV-systeem, zoals minder haltes en/of hogere frequenties kunnen dan ook zorgen voor een groter geaccepteerde fietsafstand (fietskeuze) tot de halte. Op basis van deze resultaten lijkt het mogelijk de fiets-OV combinatie ook op stedelijk niveau te stimuleren. Hierdoor kan duurzame mobiliteit op stedelijk niveau betere concurrentie bieden aan de auto, wat lijdt tot een aantrekkelijkere en beter leefbare stad.

Bekijk hier de presentatie en paper van Danique Ton et al.: Presentatie en Paper

OV en (deel)fiets: vriend of vijand? Inzichten in gebruik en reizigersvoorkeuren

In beleid en onderzoek is steeds meer aandacht voor duurzame vervoermiddelen, zoals de fiets en het openbaar vervoer (OV). Integratie van fiets én openbaar vervoer kan de voordelen van beide systemen combineren: De fiets zorgt voor fijnmazige ontsluiting van herkomsten en bestemmingen, is duurzaam en bevordert een gezonde leefstijl. De kwaliteit van het OV neemt de laatste jaren toe, onder andere door de introductie van hoogwaardig OV (HOV): snelle, frequente en betrouwbare bus- tram- en metrolijnen met een hoog comfortniveau. De halteafstanden van deze systemen zijn, net als bij het spoor, relatief hoog, waardoor de fiets een belangrijke rol kan spelen in de gebiedsontsluiting. Echter, op kortere afstanden zijn de fiets en het OV, naast een nuttige combinatie, ook elkaars concurrenten.

Om inzicht te krijgen in de aanvullende dan wel concurrerende rol van de fiets en OV, is onderzoek nodig over hoe de reiziger zich nu en in de toekomst beweegt. Dit inzicht helpt om een optimaal integraal fiets+OV systeem te ontwerpen en gebruik van dit systeem te stimuleren en te faciliteren. Dit paper laat de resultaten zien van vier recente TU Delft onderzoeken op dit gebied.

Resultaten van een literatuuronderzoek naar de first- en last-mile laat zien welke factoren belangrijk zijn voor modaliteitskeuze, waaruit bijvoorbeeld blijkt dat mannen die bekend zijn met de omgeving vooral gebruik maken van de fiets. Onderzoek in Den Haag laat het bereik van de tramhalte zien voor de fiets. Fietsers zijn bereid tot 3 km te fietsen om bij een tramhalte in de stad te komen. Ongeveer 50% van de gebruikers fietst verder dan de dichtstbijzijnde halte als deze halte minder overstappen, betere parkeervoorziening en meer reisopties biedt. Voor het natransport is de deelfiets een relatief nieuwe optie. Onderzoek naar Mobike in Delft (dockless bikes) laat zien dat ca.19% van de deelfietsritten gebruikt wordt om van en naar het station te komen. Met name het gebruik van Mobike voor ritten naar station Delft Zuid, met beperkte andere mogelijkheden, valt op. Ook voor andere deelfietssystemen in Delft, zoals OV-fiets en Swapfiets is onderzoek gedaan naar het gebruik. Door de beschikbaarheid van deze systemen geeft 9-16% van de gebruikers aan meer gebruik van de trein te maken, tegenover 34-60% minder van de bus. Ook lopen wordt vervangen door deze nieuwe modaliteiten in 35-42% van de gevallen.

Bekijk de presentatie en paper hier: Presentatie en Paper

Willingness to share rides in on-demand services for different market segments

The impact of on-demand urban transport services on traffic reduction will depend on the willingness to share (WTS) of individuals. However, the extent to which individuals are willing to share remains largely unknown. By means of a stated preference experiment, this study analyses the WTS of respondents by comparing their preferences towards individual and pooled rides. Urban Dutch individuals are the target population of this study. In our research, we: 1) quantify the WTS in on-demand services with different number of passengers to disentangle the sharing aspect from related time-cost considerations (e.g. detours); 2) investigate which distinct (latent) market segments exist in regards to the WTS and value of time (VOT) for these on-demand services, and 3) analyse which socioeconomic characteristics and travel patterns can help explain taste variations. Despite the large majority of current on-demand rides being individual, we found that less than one third of respondents have strong preferences for not sharing their rides. Also, we found
heterogeneity not only in the values of the WTS of individuals, but also in the way this disutility is perceived (per-ride or proportional to the in-vehicle time).

Find the Thredbo presentation of Maria Alonso-Gonzalez HERE

Masterclass Toekomst van het OV Ministerie I en W

In de Masterclass van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat buigen Henk Meurs (Radboud Universiteit Nijmegen) en Niels van Oort (Technische Universiteit Delft) zich over ontwikkelingen in het openbaar vervoer. ‘Het is aan ons, wetenschappers, om de ontwikkelingen, effecten en kansen in het OV in kaart te brengen. IenW kan met pilots een aantal lessen leren om MaaS te stimuleren. IenW-ers moeten niet onderschatten welke voorbeeldrol ze vervullen.’

Bekijk het interview en de presentatie

Passenger Route Choice and Assignment Model for Combined Fixed and Flexible Public Transport Systems

The recent technological innovations have given rise to innovative mobility solutions. Public transport systems combining such services need novel models for the design of services. We develop a multimodal route choice and assignment model for combined use of line/schedule based public transport systems (fixed public transport) and demand responsive services (flexible public transport). The model takes into account the dynamic demand-supply interaction using an iterative learning model framework. Flexible public transport can be used to perform any part of the trip, ranging from a first/last mile service to an exclusive direct door-to-door connection. The developed model is implemented in an agent based simulation framework. The model is applied to the test network of Sioux Falls. Results, in terms of modal split, fleet utilization, and passenger waiting times are analysed for scenarios in which fixed and flexible public transport are offered as competing modes as well as potential complementing modes.

Find the CASPT presentation HERE

Van B naar Anders

Op woensdag 30 mei organiseerde de Rli naar aanleiding van zijn advies een symposium. Tijdens dit symposium is het advies toegelicht en met betrokkenen uit de mobiliteitswereld besproken. Daarbij wordt stilgestaan bij de toekomst van mobiliteit en infrastructuur, de bestuurlijke praktijk en bij innovatie en verduurzaming van ons mobiliteitssysteem.

Vind alle bijdragen en verslag HIER

De presentatie over de toekomst van mobiliteit van Niels van Oort vind je HIER

Wat gaat MaaS ons brengen?

MaaS congres 2018: Niels van Oort is assistant professor public transport aan de TU Delft en doet onderzoek naar de effecten van nieuwe vervoerssytemen. Hij gaat de mogelijke impact van MaaS op reizigers en maatschappij toelichten, met voorbeelden van verschillende pilots en onderzoeken.

Zie HIER zijn bijdrage aan het MaaS congres 2018

© 2011 TU Delft